Melkveebedrijf Jonge Linde, Edwin en Bianca Franzen, melkveehouderij in Oudekerk aan de Amstel (NH)

Duurzaam produceren staat voorop bij Edwin en Bianca Franzen. De mineralenkringloop is vrijwel gesloten op dit grondgebonden bedrijf. Het echtpaar is actief in het natuurbeheer en ontvangt schoolklassen en groepen uit de regio Amsterdam.

  • 125 koeien
  • 60 stuks jongvee
  • 30 fokschapen
  • 72 ha grasland

Hoog op ranglijst duurzaamheid

Edwin en Bianca Franzen boeren duurzaam en maatschappelijk verantwoord. Ze hebben een grondgebonden melkveebedrijf; de kringloop van mineralen is bijna gesloten. Het echtpaar ontvangt jaarlijks veertig schoolklassen en groepen uit de regio Amsterdam.

Het bedrijf van Edwin (36) en Bianca (40) Franzen is de afgelopen tien jaar in omvang bijna verdubbeld. Niet alleen in aantal koeien en omvang melkproductie, maar ook in grond. Ondanks de groei van de veestapel is nog steeds sprake van een kringloopbedrijf.
Het bedrijf is volledig grondgebonden en hoefde om die reden bij de invoering van de fosfaatquota geen rechten in te leveren. “We hebben de ontwikkeling van ons bedrijf stapsgewijs gerealiseerd. Areaal grond en omvang van de veestapel zijn in evenwicht met elkaar gegroeid.”

Edwin en Bianca Franzen hebben een melkveebedrijf in Ouderkerk aan de Amstel, onder de rook van Amsterdam. De boerderij telt 125 koeien (2 melkrobots), 60 stuks jongvee en 30 fokschapen. Samen runnen ze het bedrijf, waarbij Edwin de koeien en het landwerk voor zijn rekening neemt en Bianca verantwoordelijk is voor de educatietak en de administratie.

De koeien op het bedrijf hebben genen van drie rassen: Holstein, MRIJ en Brown Swiss. Zo’n driewegkruising is niet uniek, maar dit bedrijf is wel een van de voorlopers. “Door inkruisen zijn onze dieren sterk, is de levensduur langer en liggen de gehaltes vet en eiwit op een bovengemiddeld niveau. Alles bij elkaar opgeteld ligt het rendement op ons bedrijf per 100 kilo melk daarom hoger dan gemiddeld.”
Duurzaam melk produceren, dat is wat het echtpaar voor ogen heeft. Daarbij gaan ze doelgericht te werk. Het gebruik van antibiotica is flink verlaagd en ligt nu op 1,5 dierdagdosering per jaar, lager dan gemiddeld in de sector. Het bedrijf is IBR- en BVR-vrij en ruim 80% van de eiwitbehoefte van het vee komt van eigen land. Ook de leeftijd van de koeien bij afvoer is hoger dan gemiddeld. De koeien kunnen naar buiten op het moment dat ze dat willen.

Op al de bovengenoemde punten scoort het bedrijf goed, wat ook tot uiting komt op de ranglijst van duurzame melkproducenten van afnemer Bel Leerdammer. Het ondernemersechtpaar staat in de lijst van 1.300 bedrijven op de 10e plaats. Edwin: “Dat is best een mooie score, maar we zijn nog niet tevreden. De mineralenkringloop is nog niet helemaal gesloten, vorig jaar voerden we bijvoorbeeld 15 ton kunstmest aan. Daar willen we helemaal vanaf. Ik ben ervan overtuigd dat dat ons gaat lukken.”
Weidevogels en koeien horen bij elkaar, vindt Edwin. Daarom is hij ook actief in het natuurbeheer, samen met collega-veehouders in polder De Ronde Hoep. Hij heeft 7 hectare natuurgrond in gebruik. Om de jonge vogels kans te geven uit te vliegen, wordt het reservaat pas na 15 juni gemaaid. De grond wordt minimaal bemest en alleen met ruige mest. “We boeken resultaten. Het aantal vogels in de polder is de afgelopen jaren toegenomen. Dat is uitzonderlijk in Nederland en daarom goed voor het draagvlak van de betrokken boeren.”

Bianca ontvangt jaarlijks zo’n veertig schoolklassen en groepen op het bedrijf. Het bedrijf is hiervoor gecertificeerd door Boerderijeducatie Nederland. “Wij bieden de kinderen een educatief programma waarbij ze onze boerderij echt kunnen beleven. Zien, ruiken, voelen, proeven, alle zintuigen komen aan bod. We krijgen hier kinderen uit Amsterdam en omgeving, ze weten niks van de landbouw. De kinderen kijken hun ogen uit. Educatie is belangrijk, want onze jonge bezoekers zijn de consumenten van morgen.”
Het echtpaar is ook actief in een project om de bodemdaling in het veengebied tegen te gaan. En ze draaien mee in een studiegroep om de levensduur van de koeien te verlengen. Die groep heet ‘Geef me de vijf’, met als doel om elke koe minimaal vijf jaar te melken.