Familie van der Veen, pluimveehouderij in Oud-Bergentheim (Ov.)

Een modern en innovatief pluimveebedrijf dat vooroploopt in de sector op het gebied van energie, mestbehandeling, afzet en promotie. Een deel van de eieren wordt afgezet aan supermarkten.

  • 40.000 vrije-uitloophennen
  • 32.000 scharrelhennen
  • 65 vleeskoeien

Meebewegen met de consument

Vroegtijdig inspelen op de veranderende vraag in de markt. Dat is de bedrijfsfilosofie van pluimveehouder Egbert van der Veen. Samen met zijn vrouw, zoon en schoondochter produceert hij eieren onder het Beter Leven-keurmerk.

Met de maatschappelijke ontwikkelingen meebewegen, dat is volgens pluimveehouder Egbert van der Veen de kern van zijn ondernemerschap. Dus niet de hakken in het zand zetten als supermarkten beginnen over dierenwelzijn, maar gewoon aan de slag gaan. En daarom produceert zijn bedrijf nu eieren onder het Beter Leven-keurmerk. Moet je wel wat voor doen, zegt hij, maar zijn bedrijf is nu wel up-to-date.

Egbert van der Veen (61) heeft samen met zijn vrouw Geesje (60), zoon Welmer (32) en schoondochter Chantal (30) een legpluimveebedrijf in het Overijsselse Oud-Bergentheim. Het bedrijf telt drie stallen met 40.000 vrije uitloop- en 32.000 scharrelhennen. Daarnaast hebben ze als neventak 65 vleeskoeien (Blonde d‘Aquitaines).

Op de dag dat dit interview plaatsheeft, krijgt Van der Veen het bericht dat het bedrijf in aanmerking komt voor SDE-subsidie voor de productie van zonne-energie. “Prachtig! Nu wekken we zo’n 25% van ons gebruik op met eigen panelen. Dat gaat dus naar 100%. Past uitstekend binnen onze visie op duurzaam ondernemen. Voor mei 2021 moeten die nieuwe zonnepanelen op de stallen liggen. Die liggen er dan zeker, waarschijnlijk eerder.”

Goede ondernemers houden de maatschappelijke ontwikkelingen goed in de gaten. Rond de eeuwwisseling groeide de kritiek op het houden van kippen in legbatterijen. “Je kunt dan roepen: wat een onzin! Dat is niet onze stijl. Wij zijn in 2001 voor een groot deel omgeschakeld naar vrije uitloop. Een verbod op batterijen was toen nog niet aan de orde. Wij liepen voorop en daar hebben we nooit spijt van gehad.”

Van recenter datum is de keuze om eieren te produceren onder het Beter Leven-keurmerk, een initiatief van de Dierenbescherming. Het bedrijf levert eieren met twee sterren (vrije uitloop) en met een ster (scharreleieren). Volgens de strenge keurmerkcriteria moest Van der Veen voor wat betreft de vrije-uitloopeieren overschakelen op witte hennen en dus witte eieren. “Dat is om gerommel met eieren te voorkomen. Snap ik wel. Maar het is ook een hele omschakeling.”

Vervolgens moest de consument worden geïnformeerd. Het bedrijf levert een deel van de eieren aan supermarkten in de regio. Opeens zaten er witte eieren in de doosjes. Van der Veen: “We hebben posters gemaakt. Witte kippen zijn sterker en produceren meer eieren met minder voer. Minder uitval, minder mest. Dus duurzamer. Die boodschap is overgekomen. Onze afzet in het particuliere kanaal is gestegen.”

De vier ondernemers op het pluimveebedrijf hebben allemaal dezelfde instelling: de consument meenemen in je bedrijfsverhaal. Daarom is er nu een skybox in een van de stallen geïnstalleerd, worden groepen rondgeleid op het bedrijf en fietstochten langs agrarische bedrijven georganiseerd. “Wij laten zien wat er in onze stallen gebeurt. We zorgen goed voor onze kippen en daar zijn we trots op. Iedere bezoeker is positief. Dat geeft veel voldoening.”

Het vleesvee wordt lokaal geslacht, het vlees vervolgens regionaal afgezet. Van de eieren komt op dit moment zo’n 10% bij eigen afnemers in de regio terecht. Dat vraagt veel werk op het vlak van sorteren en verpakken. Plan is om meer eieren particulier af te zetten. Van der Veen: “Dat pakken we planmatig aan. Want wat je doet, moet je goed doen. Qua arbeid en logistiek moeten we het eerst goed voor elkaar hebben.”

De vier bedrijfsgenoten maken altijd plannen. In 2018 zijn in alle stallen ledlampen geïnstalleerd, een jaar eerder is geïnvesteerd in een mestdrooginstallatie. Van der Veen denkt alvast na over de verdere toekomst. “We hebben opvolgers, de verdiencapaciteit moet omhoog. We denken eraan om een tweede productielocatie te starten.”