De Gunnink

Hans Brinke, melk- en pluimveehouder in Orvelte (Dr.)

• 56 koeien
• 15.000 biologische leghennen
• 45 hectare grond

Niet groot, maar wel trots

Hans Brinke van melk- en pluimveebedrijf De Gunnink gaat niet zozeer voor groot, groter, grootst. Hij wil vooral plezier beleven aan het boer-zijn. En via social media en columns in de krant zijn trots over de sector uitdragen.

De melkveetak van De Gunnink in Orvelte telt 56 koeien en 27 stuks jongvee. Bescheiden, naar hedendaagse begrippen. Maar Hans Brinke (43) houdt deze tak bewust niet te groot. “Ik ben in 2012 overgestapt op robotmelken om voldoende tijd te houden voor een uitbreiding met kippen. En ook om voldoende tijd voor mijn gezin te hebben. De balans tussen werk en privé is voor mij heel belangrijk.”

Met het verdwijnen van het melkquotum in het vooruitzicht koos Brinke dus niet voor meer koeien, maar juist voor meer kippen. “Ik vind beide dieren leuk. Toen mijn ouders twintig jaar geleden dit bedrijf overnamen, waren er 3.000 biologische kippen in een oude schuur. Die tak was nieuw voor ons. We zijn destijds omgeschakeld naar 4.500 vrije uitloopkippen, omdat ons dat beter paste.”

In 2010 nam Brinke het bedrijf over van zijn ouders en in 2012 probeerde hij in de oude kippenstal weer 3.000 biologische kippen te houden. De markt voor bio-eieren liep toen echter niet en hij ging terug naar vrije uitloop. Een paar jaar geleden besloot hij de sprong naar biologische kippen opnieuw te wagen. “De vraag uit de markt nam fors toe en ik wilde het bedrijf toch wat laten groeien.”

Samen met ID Agro ontwikkelde Brinke een bijzondere boogstal voor 15.000 biologische leghennen. Door de boogvorm is de inhoud groot ten opzichte van het oppervlakte en varieert de hoogte van 2,40 meter aan de zijmuren tot maximaal 6,20 meter. Door de boogvorm en ondanks de 116 meter lengte hebben mijn buren toch veel van hun uitzicht kunnen behouden. Het was nog een heel proces om hen mee te krijgen in het nieuwbouwplan.”

Dankzij de zes in plaats van negen leghennen per vierkante meter zitten de kippen elkaar minder in de weg en is het werk vrij relaxed. Het behouden van werkplezier zette Brinke er ook toe aan om de koeien in 2019 minder krachtvoer te geven. “Ze hoeven minder op hun tenen te lopen. Dat is goed voor hun welzijn en het werk met de koeien loopt zo ook lekkerder. Dat ik vorig jaar terugging van 490.000 liter naar 435.000 liter neem ik op de koop toe. Ik zet mijn melk af via Friesland-Campina, zij doen hun best voor een goede prijs, en dat geeft mij rust.”

CO2-voetafdruk
Aandacht voor dierenwelzijn en duurzaamheid is voor Brinke vanzelfsprekend. Vandaar onder meer zijn vrij extensieve manier van boeren. Dit jaar laat hij de CO2-voetafdruk van de biologische eieren uitrekenen. “Ik verwacht dat daar binnen enkele jaren vraag naar gaat komen vanuit de retail. Daarom wil ik nu vast weten hoe het met de CO2-voetafdruk staat. Ik ben benieuwd of die afdruk gunstig is ten opzichte van vrije uitloop of verrijkte kooi. We hebben wel meer grond nodig om hetzelfde voer te verbouwen, maar we gebruiken daarbij geen chemie.”

´Koeiemorgen´
Als ondernemer noemt Brinke zichzelf vrij behoudend, maar hij steekt wel veel tijd in het promoten van de agrarische sector. Onder de naam ´Koeiemorgen’ plaatst hij elke werkdag een foto van een koe met een leuk tekstje op social media. Hij is ook enthousiast lid van de melkveestudieclub.nl en stichting #Melkvee Drenthe, die vooral via social media het verhaal van de melkveesector vertellen. Dat gaat binnenkort ook via de nieuwe website www.melknatuurlijk.nl. “Ik wil laten zien dat achter elke koe en elke boer een verhaal zit. Dat wij dieren houden omdat we van ze houden en dat levert gezonde zuivel op. Ik sta achter de boerenacties van afgelopen najaar, maar er kruipt ook een negatief sentiment in en dat doet de sector geen goed. Hou het positief, dan komt je verhaal beter over.”